fbpx

Secured by

Winkelmand

Heeft een werknemer afstand gedaan van bepaalde vorderingen?

In de praktijk komt het wel eens voor dat werkgever of werknemer bij het einde van een dienstverband afstand doet van bepaalde rechten. Je bent van mening dat deze afspraken schriftelijk overeengekomen zijn. Maar wanneer staat het dan ook echt vast dat je afstand doet van deze rechten? Kun je daar nog op terugkomen? Onlangs heeft de rechtbank uitspraak gedaan over een werknemer die terug wil komen op eerdere uitlatingen over bepaalde vorderingen. Lex legt je uit wat de uitkomst is van deze recente uitspraak!Ā 

 

Feiten en omstandigheden

Een werknemer had een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd (voor de duur van ƩƩn jaar) in de functie van HR-manager. Hij kreeg voor zowel zakelijk gebruik als voor privƩgebruik een leaseauto. Nadat het tijdsbestek van ƩƩn jaar er bijna op zat, besloot de werkgever de arbeidsovereenkomst van deze werknemer niet te verlengen. Hierna vond er een gesprek plaats en dat gesprek escaleerde. De werknemer werd op non-actief gesteld en de leaseauto moest direct worden ingeleverd.

Vervolgens heeft de werknemer per brief aangegeven dat hij er akkoord mee ging met dat de vakantiedagen opgenomen zouden worden als vrije dagen in plaats van dat deze werden uitgekeerd. Hij gaf verder nog aan dat hij tot de einddatum van de arbeidsovereenkomst nog recht had op de leaseauto, maar dat hij afziet van een financiƫle vergoeding. Naderhand kwam de werknemer toch terug op zijn uitlatingen en startte een procedure tegen de werkgever. Hij wilde dat zijn verlofdagen werden uitbetaald en wilde een vergoeding voor het privƩgebruik van de leaseauto dat hem is ontnomen. Werkgever vond dat de werknemer in hun correspondentie afstand had gedaan van voornoemde rechten.

 

Beslissing kantonrechter

In de wet is bepaald dat dat een werknemer recht heeft op uitbetaling van zijn vakantiedagen indien hij daar nog aanspraak op maakt aan het einde van zijn dienstverband. Die bepaling is van dwingend recht en daar zou je in principe niet van kunnen afwijken. Doe je dat wel, dan wordt geacht dat die afspraak nooit heeft bestaan. De kantonrechter oordeelde dat het alleen mogelijk is om een dergelijke afspraak te maken als bij de beƫindiging een allesomvattende regeling is getroffen waarmee afstand wordt gedaan van het uitbetalen van de vakantiedagen.

De kantonrechter was van mening dat de werknemer in zekere zin afstand had gedaan van deze vorderingen, maar dat de correspondentie over en weer geen allesomvattende regeling betreft. Een allesomvattende regeling zou getroffen kunnen worden in een vaststellingsovereenkomst. Hetzelfde principe geldt voor de vergoeding van de kosten voor vervangend vervoer. De kantonrechter oordeelde dat het privƩgebruik van de leaseauto aangemerkt moet worden als arbeidsvoorwaarde en wordt daarom gezien als looncomponent.

Werknemer mocht dus op deze nadelige verklaring terugkomen waardoor de werkgever de vakantiedagen en de vergoeding voor privƩgebruik van de leaseauto alsnog moest betalen. Het zure voor de werkgever is dat beide vorderingen worden vermeerderd met 50%, door de wettelijke verhoging. Een werkgever is een wettelijke verhoging verschuldigd over looncomponenten en vakantiegeld vanaf de vierde werkdag dat hij deze bedragen te laat betaalt.

De kantonrechter veroordeelt de werkgever uiteindelijk tot betaling van de volgende bedragen:

  • Ā Vakantie-uren: ā‚¬ 1.687,91 bruto, vermeerderd met:
    • 50% wettelijke verhoging
    • de wettelijke rente over het bedrag van ā‚¬ 1.687,91 vanaf 1 juli 2021 tot de dag van volledige betaling
  • Kosten privĆ©gebruik bedrijfsauto: ā‚¬ 1.664,00 bruto, vermeerderd met:
    • 50% wettelijke verhoging
    • de wettelijke rente over het bedrag van ā‚¬ 1.664,00 vanaf 1 juli 2021 tot de dag van volledige betaling
  • Buitengerechtelijke incassokosten: ā‚¬ 757,94, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 17 september 2021 tot de dag van volledige betaling
  • Kosten van de procedure: ā‚¬ 240,00 aan griffierecht, ā‚¬ 245,27 aan explootkosten en ā‚¬ 622,00 voor salaris van de gemachtigde
  • Nakosten: ā‚¬ 124,00

 

Conclusie

In deze zaak is de werkgever ervan uitgegaan dat hij door middel van correspondentie een regeling had getroffen met de werknemer, en dat het vast stond dat de werknemer afstand had gedaan van bepaalde vergoedingen (die van dwingend recht waren). De werknemer heeft weliswaar aangegeven dat hij afstand doet van deze rechten, maar daar is volgens de rechter geen allesomvattende regeling voor getroffen.

Het is dus van belang dat je als werkgever erbij stilstaat dat een werknemer terug kan komen op bepaalde rechten als dit niet is vastgelegd in bijvoorbeeld een vaststellingsovereenkomst. Het kan namelijk altijd gebeuren dat een werknemer zich toch bedenkt na een eventueel geschil.

De werkgever uit onderhavige zaak heeft zijn lesje wel geleerd: het had hem een heleboel gedoe, en vooral geld bespaard als hij deze afspraken in een vaststellingsovereenkomst had vastgelegd en op dat moment had laten ondertekenen door zijn werknemer. Wil jij ook het zekere voor het onzekere nemen als je het dienstverband van jouw werknemer laat eindigen? Lex stelt graag een vaststellingsovereenkomst voor je op!

Let wel: indien je zonder tussenkomst van de rechter of het UWV de arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd van jouw werknemer wil beĆ«indigen, dan is het verplicht om dat schriftelijk vast te leggen. Het is gebruikelijk om de beĆ«indiging en de bijbehorende afspraken op te nemen in een vaststellingsovereenkomst. Benieuwd naar dit contract? Check het hier!Ā šŸ‘‰šŸ»